“Wie overwint, hem zal Ik geven te eten van de boom
des levens, die in het paradijs Gods is.
Openbaring 2:7
Stel u eens voor dat u uit een diepe, verkwikkende slaap ontwaakt
. Het voelt aan alsof u weer een kind bent dat wakker wordt op een prachtige
voorjaarsmorgen. U bent vol van jeugdige energie en enthousiasme. Iets wat u
een hele tijd niet meer ervaren hebt.
U geeuwt, rekt zich uit en voelt een zacht windje door uw haar. De dauw voelt
u onder uw blote voeten. Het is duidelijk dat u buiten bent maar u kunt het
zich niet herinneren hoe u hier gekomen bent. Waar bent u?
Niet ver van u vandaan is een stenen muur. Die muur staat er als een beschermer
en is rondom u heen. Het lijkt of u in een mooie ronde tuin bent. U ziet bloemen
om u heen, zo mooi als u ze nog nooit hebt gezien. De frisse kleuren spatten
eraf. Die bloemen strekken zich uit tot de top van een heuvel midden in de tuin.
En daar midden op de top van die heuvel staat een majestueuze boom.
Vanaf het moment dat u de boom ziet, kunt u uw ogen er niet meer vanaf houden.
Er is vast niet nog zo’n boom op aarde. De grote kolossale stam moet wel
duizenden jaren oud zijn. De wortels reiken heel diep, tot in het hart van de
aarde. En de takken (ze lijken op ranken) reiken tot in de wolken en die ranken
lijken ontelbaar. En dan ziet u de vrucht die door de boom voortgebracht wordt.
Wat is het voor een vrucht? Het is geen appel, het is ook geen perzik of een
peer. Ook is het geen citrusvrucht. Het is een soort vrucht die u nog nooit
gezien hebt. Maar op de een of andere manier weet u dat die vrucht er is voor
u.. Het heeft er al die tijd voor u gehangen sinds de dag dat u geboren bent.
Er is geen twijfel aan mogelijk, het doel van uw leven was om op deze plaats
te komen en deze heerlijke vrucht te proeven. U sluit uw ogen, u proeft heel
intens en plotseling gaan uw ogen open voor een nieuwe wereld.